De Agave komt van nature vooral veel voor in Mexico. Er zijn vele soorten Agaves maar in het algemeen zijn het vlezige planten die aan de zijkant van het blad doornen hebben en eindigen in een spitse punt. Ze groeien langzaam en maken nieuw blad aan van binnen naar buiten.
De regio waar de Agave vandaan komt is woestijnachtig. Overdag zijn er zeer hoge temperaturen tot 50 graden en in de nachten kan het afkoelen tot onder het vriespunt. Regen is er zelden en wanneer het valt is het meestal een kleine bui. In deze omgeving hebben de Agaves zich aangepast en hierdoor zijn het erg stevige en weerbare planten. De meeste agavesoorten blijven kleiner maar er zijn soorten die meters breed kunnen worden en qua hoogte tot wel 2 meter worden. In Noord-Europa is het verstandiger om de Agave in een pot te zetten. Zorg voor goede drainage zodat de plant altijd goed zijn water kwijt kan als er te veel regen valt. Bij koudere temperaturen kan de Agave dan binnen gezet worden. In de winter kan de Agave eventueel ook binnen gezet worden zolang hij voldoende licht krijgt.
De Agave zal pas na jaren kunnen bloeien. De bloei van een Agave is spectaculair en kan metershoog worden. Na de bloei zal de Agave waar de bloem uit komt afsterven. Meestal heeft de Agave zich dan al vermeerderd. De meeste planten zich namelijk voort door middel van wortelstek en geven dus zijscheuten.
De meeste Agaves zijn niet geschikt om in de tuin te zetten. Deze soort kan een temperatuur aan van: -14°C.